Leren van het verleden
Verhalen over de Tweede Wereldoorlog zijn leerzaam, boeiend, spannend en confronterend. Hoe gewoon of anders was het leven tijdens de bezetting? Hoe handelen mensen als ze onder grote druk staan, welke keuzes maken ze al dan niet noodgedwongen? Dat roept vaak de vraag op: wat zou ik doen
Van de mensen die de oorlog hebben meegemaakt, is bijna niemand meer onder ons. Maar hun verhalen zijn er wel nog. Dat merkte ik tijdens de gastlessen die ik, op initiatief van de gemeente, gaf over de Tweede Wereldoorlog aan de leerlingen van groep 7 en 8 in Eys en Epen.
De kinderen in Eys waren gefascineerd door de verhalen over het Eyserbos dat strategisch plateau, 193 meter hoog gelegen. Ze wisten niet dat daar dagenlang is gevochten tussen de Duitse en de geallieerde troepen en dat er daarna een geheime Amerikaanse radarinstallatie kwam. Vanuit die mobiele radarpost konden de geallieerden tot ver in Duitsland kijken en werden de luchtaanvallen op een stad als Keulen gecoördineerd.
De kinderen in Epen kenden veel oorlogsverhalen van hun ouders, grootouders en zelfs overgrootouders en zij vertelden er honderduit over. Na die gastles kwam een jongetje naar mij toe: ‘meneer, ik woon in de kapelaan Houbenstraat’. Hij ging nu thuis het verhaal vertellen over die dappere kapelaan, die door de Duitsers was opgepakt bij het Verraad van Wittem, hier op steenworp afstand, en het concentratiekamp niet overleefde. De leerlingen op beide scholen hoorden voor het eerst over die koperen steentjes op de stoep van de Rijksweg in Gulpen. Deze zogenaamde Stolpersteine zijn bij twee huizen gelegd ter herinnering aan de vermoorde Joden die daar woonden. Als de kinderen voor boodschappen naar Gulpen gingen, zouden ze extra op gaan letten.
Deze verhalen doen ertoe, zo leren deze kinderen de betekenis en invloed van de Tweede Wereldoorlog in hun dorp begrijpen.
De geschiedenis helpt ons om het ontstaan van de oorlog te verklaren. Als we kijken naar de tien jaren voor 1940, dan heeft onze tijd, helaas zeg ik er meteen bij, veel overeenkomsten met die jaren dertig.
De Nederlandse maatschappij was toen zeer verdeeld. In 1933 deden 54 politieke partijen mee aan de verkiezingen. Er werd veel geklaagd over de democratie die de grote economische en sociale problemen onvoldoende zou oplossen. Mensen keerden zich af van de traditionele politieke partijen en van de democratie; men steunde de zogenaamd sterke leiders die beloofden de zaken radicaal anders te gaan aanpakken. Naar voorbeeld van Hitlers partij in Duitsland richtte Anton Mussert in 1931 de Nationaalsocialistische Beweging (de NSB) op, met een soortgelijk partijprogramma. Mussert beloofde de werkloosheid aan te pakken en ervoor te zorgen dat mensen weer trots konden zijn op hun land. In 1935 haalde de NSB in Nederland acht procent van de stemmen. In Slenaken, Gulpen en Wittem was dat zelfs meer dan 20%; in Wijlre was het onder de 10%. Er waren toen in Europa meerdere autoritaire leiders: naast Hitler in Duitsland, waren dat Mussolini in Italië, Franco in Spanje en Stalin in Rusland. Zij gingen allemaal uit van het recht van de sterkste en schuwden de inzet van geweld niet. Het gevolg daarvan weten we inmiddels.
Overal om ons heen zien we nu dezelfde processen. De burgemeester heeft er al over gesproken. Vrijheid, democratie en vrede staan onder druk. Autoritaire leiders aan de macht in landen als China, Rusland en helaas ook sommige van onze bondgenoten, kiezen op het wereldtoneel weer voor het recht van de sterkste. We zien dat een deel van de bevolking, ook in Nederland, deze leiders steunt. Uit onderzoeken blijkt dat deze leiders meestal stapsgewijs aan de macht komen en met elke stap hun positie versterken. En op een gegeven moment is er geen weg meer terug, dan wordt het steeds moeilijker om hen nog te stoppen. Het is daarom belangrijk om bij de eerste signalen van dat autoritair leiderschap al meteen in actie te komen, niet te gaan marchanderen, de rug recht te houden en principieel te blijven staan voor de democratie en vrijheid.
De geschiedenis leert ons ook dat een oorlog niet voorbij is als de vrede is getekend of de wapens zwijgen en dat de gevolgen van oorlogen vele generaties doorwerken bij de betrokkenen en hun families. Zo ook bij verzetsstrijdster Jeanne Martinussen uit Gulpen die geallieerde piloten door de bossen naar België bracht en illegale bladen verspreidde; Iets waar ze nooit over had gesproken.
Veel leden van haar verzetsgroep waren vermoord. Op oudere leeftijd, na een leven van hard werken aan haar benzinepomp, kwamen de oorlogstrauma’s boven. Het oorlogsgeweld van de jaren negentig in Joegoslavië bracht alle spanningen en angsten weer bij haar terug en ‘s nachts werd ze angstig en bezweet wakker. De oorlog werkte ook door bij de nazaten van NSB’ers die werden gepest en uitgesloten. Rosalie Sprooten uit Epen schrijft in haar boek Brief aan HM het lot van een zoon van een NSB’er. Zijn vader had met de Duitsers gecollaboreerd. Voor hen waren 4 en 5 mei twee helse dagen, met de gordijnen dicht, afgesloten van de wereld. Het is belangrijk om deze verhalen te blijven verzamelen. Heemkunde verenigingen, journalisten, onderzoekers, schrijvers en kunstenaars spelen daarin een belangrijke rol. En dan is het aan ons allen om die verhalen te blijven vertellen. Laten wij blijven leren van het verleden en zo voorkomen dat we dezelfde fouten maken.